Skip to Content

Stappenplan CO2-Prestatieladder

Het stappenplan voor de CO2-Prestatieladder brengt je van nul naar een certificaat in zeven stappen. Je bepaalt je scope, berekent je CO2-footprint, stelt reductiedoelen, en laat je toetsen door een certificerende instantie. Voor het basisniveau reken je op drie tot zes maanden. De officiële toelichting staat op co2-prestatieladder.nl .

Het traject lijkt op andere certificeringen zoals ISO 14001, maar met een belangrijk verschil: de ladder wil zien dat je je uitstoot echt verlaagt, niet alleen dat je een systeem hebt. Voordat je begint, is het slim om je niveau of trede te bepalen, want dat bepaalt hoeveel werk er op je afkomt.

Op deze pagina

Hieronder lopen we het volledige traject door in zeven stappen. Per stap leggen we uit wat je doet en waar bedrijven vaak vastlopen. Gebruik de cards om snel naar een stap te springen.

1. Niveau of trede bepalen

Kijk eerst welk niveau of welke trede je nodig hebt. Het aanbestedingsdocument vertelt vaak welk niveau gevraagd wordt of welk gunningvoordeel aan welk niveau hangt. Voor veel bedrijven is niveau 3 of trede 1 het startpunt.

Een hoger niveau geeft meer voordeel, maar kost meer werk. Begin niet hoger dan nodig.

2. Scope vaststellen

Bepaal welke onderdelen van je organisatie meetellen. Vaak is dat je hele bedrijf, maar bij grote concerns kies je soms een onderdeel. De scope bepaalt wat je gaat meten en waar je certificaat over gaat.

Let op: je scope moet aansluiten op de aanbestedingen waarvoor je het certificaat gebruikt. Een te smalle scope kan later problemen geven.

3. CO2-footprint berekenen

Nu breng je je uitstoot in kaart. Dit is je emissie-inventaris. Voor de lagere niveaus tel je scope 1 (directe uitstoot, zoals brandstof) en scope 2 (ingekochte energie, zoals stroom). Hogere niveaus en treden vragen ook scope 3 (de keten).

De volledige uitleg staat op CO2-footprint berekenen. Veel bedrijven onderschatten deze stap: het verzamelen van verbruiksgegevens kost tijd.

4. Reductiedoelen en plan

Met je footprint als basis stel je reductiedoelen. Concreet en meetbaar: bijvoorbeeld 5% minder uitstoot per jaar. Daarna maak je een plan met maatregelen, zoals elektrisch materieel, zonnepanelen of zuiniger rijgedrag.

De ladder wil aantoonbare voortgang zien. Een doel zonder maatregelen is niet genoeg.

5. Communiceren en participeren

Je communiceert intern en extern over je CO2-beleid. Denk aan een pagina op je website en informatie voor je medewerkers. Daarnaast doe je mee aan een initiatief in je sector, bijvoorbeeld een branchewerkgroep over verduurzaming.

Deze twee invalshoeken, transparantie en participatie, worden vaak onderschat. Begin er op tijd mee.

6. Interne audit

Voordat de externe auditor komt, test je je eigen systeem. Klopt je footprint? Zijn je doelen onderbouwd? Heb je bewijs van je communicatie en participatie? Een directiebeoordeling hoort hier ook bij.

Zo voorkom je verrassingen tijdens de ladderbeoordeling.

7. Ladderbeoordeling door de CI

Een geaccrediteerde certificerende instantie voert de ladderbeoordeling uit. De auditor controleert je documenten en je praktijk. Bij een positief resultaat krijg je je certificaat, dat drie jaar geldig is.

Daarna komt de auditor jaarlijks terug voor een controle-audit. Het hele auditproces staat apart uitgelegd.

Begin op tijd. Het verzamelen van verbruiksgegevens en het aantonen van reductie kost meer tijd dan veel bedrijven denken. Reken op drie tot zes maanden voor het basisniveau.

Hoeveel kost dit traject?

De kosten bestaan uit de jaarbijdrage aan SKAO, de audit door de CI, en je eigen uren. Voor het basisniveau begint een klein bedrijf vaak rond enkele duizenden euro’s voor het eerste jaar. Het volledige overzicht met bedragen staat op kosten en tijdlijn.

Klaar om te beginnen? Bekijk dan de eisen van de ladder zodat je weet wat de auditor straks van je vraagt. Twijfel je nog ergens over, kijk dan bij de veelgestelde vragen.