Skip to Content
ISO 22301Crisismanagement

Crisismanagement onder ISO 22301

Crisismanagement is het georganiseerde optreden van mensen en middelen zodra een ernstige verstoring een normale bedrijfsvoering overstijgt. Binnen ISO 22301  valt het onder hoofdstuk 8: operationele beheersing. Praktische uitleg staat in ISO 22313 . Het verschil met je bedrijfscontinuiteitsplan is concreet: het BCP beschrijft hoe je kritieke processen herstelt, het crisisplan beschrijft hoe je de situatie beheerst en communiceert.

Een crisisteam beslist en communiceert. Een continuïteitsteam herstelt processen. In kleinere organisaties zijn dat dezelfde mensen, maar met verschillende rollen.

Crisismanagement vs. bedrijfscontinuiteitsplan

Veel organisaties gebruiken “crisismanagement” en “bedrijfscontinuïteit” door elkaar. Dat is begrijpelijk, maar het onderscheid helpt je bij het opzetten van je BCMS-structuur.

AspectCrisismanagementBedrijfscontinuiteitsplan (BCP)
FocusSituatiebeheer en besluitvormingHerstel van kritieke processen
EigenaarCrisisteam (directie/management)Continuïteitsteam (operationeel)
Wanneer actiefBij opschaling of escalatieZodra processen hersteld moeten worden
KernactiviteitBeoordelen, communiceren, besluitenUitvoeren van herstelstappen
ResultaatGecontroleerde afhandelingKritieke processen draaien weer

In de praktijk lopen beide parallel. De crisiscoördinator beslist om over te schakelen naar alternatieve werklocatie. Het continuïteitsteam voert dat besluit vervolgens uit.

Het crisisteam: samenstelling en rollen

Een crisisteam is een vaste, vooraf aangewezen groep mensen die bij een ernstige verstoring de leiding neemt. De samenstelling hangt af van je organisatiegrootte, maar de kernrollen zijn overal vergelijkbaar.

RolVerantwoordelijkheidTypisch profiel
CrisiscoördinatorLeidt het team, bewaakt overzicht en escalatieCOO, operationsmanager of risicomanager
ProceseigenaarStuurt herstel van zijn of haar procesAfdelingshoofd, IT-manager
CommunicatieverantwoordelijkeBeheert interne en externe berichtgevingCommunicatiemanager of directiesecretaris
IT/facilitairTechnisch herstel en infrastructuurIT-manager, facilitair manager
Juridisch/complianceContractuele en meldingsverplichtingenJurist of complianceofficer

Een verzekeraar met 200 medewerkers stelt bijvoorbeeld een crisisteam samen van vijf mensen: de COO (coördinator), twee procesverantwoordelijken (schadebehandeling en IT), een communicatiemanager en een complianceofficer. Iedereen weet van tevoren wat hun rol is en wie ze vervangen als ze niet beschikbaar zijn.

Benoem altijd een vervanger per crisisrol. Als de crisiscoördinator op vakantie is of zelf getroffen wordt door het incident, moet de organisatie toch kunnen opschalen.

Crisiscommunicatie: intern en extern

Crisiscommunicatie is een apart onderdeel in ISO 22301. De norm eist dat je vastlegt wie communiceert, via welk kanaal, naar welke doelgroepen en op welk moment. Slechte communicatie tijdens een incident vergroot de schade vaak meer dan de verstoring zelf.

Interne communicatie

Intern gaat het over het informeren van medewerkers, management en de raad van toezicht of commissarissen. Denk aan:

  • een crisisberichtsjabloon per incident-type (brand, ransomware, leverancieruitval);
  • een vaste escalatielijn met namen en telefoonnummers;
  • een alternatief communicatiekanaal als de normale IT-infrastructuur uitvalt (denk aan Signal-groep of een extern callcenter).

Externe communicatie

Extern gaat het over klanten, leveranciers, toezichthouders en media. Hier gelden vaak contractuele en wettelijke meldingstermijnen. Bij een datalek geldt naast crisismanagement ook de AVG-meldplicht.

DoelgroepWat wil je communiceren?Wanneer?
Klanten met SLAStatus, verwachte hersteltijd, update-momentZo snel mogelijk, maximaal binnen SLA-termijn
LeveranciersImpact op orders/diensten, verwachte duurZodra de omvang duidelijk is
ToezichthouderMelding bij datalekken of kritieke uitvalConform wettelijke meldtermijn
MediaAlleen via aangewezen woordvoerderNa intern akkoord

Hoe crisismanagement in je BCP past

Je bedrijfscontinuiteitsplan bevat een apart hoofdstuk voor de crisisorganisatie. Dat is geen los document, maar een geïntegreerd onderdeel. De structuur werkt als volgt:

  1. Activatie: de crisiscoördinator bepaalt of het plan in werking treedt (activatiecriteria).
  2. Situatiebeoordeling: het crisisteam stelt vast wat er is, wat de impact is, en wat de prioriteiten zijn.
  3. Communicatie: interne en externe berichtgeving gaat uit via de aangewezen kanalen.
  4. Herstelcoördinatie: het crisisteam stuurt de procesteams aan die je BCP uitvoeren.
  5. Afschaling: zodra kritieke processen stabiel zijn, schaalt het crisisteam af en begint de nazorg.

Een oefening waarbij je dit traject doorloopt, heet een tabletop-oefening. Je leest meer over oefenvormen op de pagina over oefenen en testen.

Veelgemaakte fouten bij crisismanagement

FoutGevolgBeter alternatief
Crisisteam niet geoefendRolvervulling mislukt bij een echt incidentMinimaal jaarlijks oefenen
Communicatieplan ontbreektTegenstrijdige berichten naar buitenSjablonen voorbereiden per incident-type
Geen vervangers benoemdCrisisteam niet volledig inzetbaarElke rol heeft een primaire en secundaire persoon
Activatiecriteria te vaagTwijfel over wel of niet opschalenConcrete drempelwaarden per scenario

Meer informatie

Officiële referenties