Ton CO2-equivalent berekenen voor de CO2-Prestatieladder
Een ton CO2-equivalent (CO2e) reken je uit door je verbruik te vermenigvuldigen met een emissiefactor en het resultaat te delen door 1.000 als je in kilogram rekent. Voor de CO2-Prestatieladder gebruik je de factoren van co2emissiefactoren.nl . Bij brandstoffen en vervoer neem je de kolom Well-to-Wheel (WTW), dus inclusief winning en productie van de brandstof. In handboek 3.1 moet je CO2 kwantificeren in tonnen CO2; andere broeikasgassen mag je als CO2e rapporteren, maar dat is nog niet verplicht. De volledige uitleg van de rekenmethode staat op CO2-footprint berekenen.
De factoren in dit artikel komen uit de lijst 2026 van co2emissiefactoren.nl, gelezen op 28 oktober 2026. Ze veranderen jaarlijks. Gebruik voor je eigen emissie-inventaris altijd de factor van het jaar waarover je rapporteert.
Deze pagina volgt handboek 3.1. Voor handboek 4.0 (gepubliceerd op 14 januari 2025) gelden mogelijk andere regels voor broeikasgassen. Controleer dat in handboek 4.0 als je daarop overstapt. Audits volgens 3.1 kunnen nog tot 14 januari 2027, zie de overgangsregeling .
Wat is een CO2-equivalent?
Niet elk broeikasgas heeft hetzelfde effect op het klimaat. Methaan en lachgas werken sterker dan CO2. Om ze op te tellen, reken je ze om naar de hoeveelheid CO2 die hetzelfde effect geeft. Dat resultaat heet CO2-equivalent.
Voor de meeste bedrijven is het in de praktijk eenvoudiger: brandstof en energie leveren vooral CO2 op. Het CO2-equivalent is dan gelijk aan de CO2-uitstoot. Het verschil wordt pas groot bij koudemiddelen en sommige industriële processen.
Wat zegt handboek 3.1?
Het handboek is hier precies. In de eis voor de emissie-inventaris (eis 3.A.1) staat dat de rapportage van CO2-emissies verplicht is, gekwantificeerd in tonnen CO2. Voor andere directe broeikasgassen geldt dat je ze mag rapporteren, mits je ze afzonderlijk vermeldt en per gas omrekent naar tonnen CO2-equivalent.
Het handboek noemt zichzelf de laatste versie waarin rapportage van andere broeikasgassen nog niet verplicht is. Organisaties worden aangemoedigd om dat wel te doen. Voor de keuze tussen 3.1 en 4.0 kijk je op de niveaus en treden.
De rekenformule
De basis is altijd hetzelfde:
Uitstoot in kg CO2 = verbruik × emissiefactor
Uitstoot in ton CO2 = uitstoot in kg ÷ 1.000
De emissiefactor vind je op co2emissiefactoren.nl, per brandstof of energiedrager, met de eenheid erbij. Let op de eenheid. Een factor per liter reken je niet om met kubieke meters. Controleer of je verbruik in dezelfde eenheid staat als de factor.
Stap voor stap: een voorbeeld
Een fictief bouwbedrijf heeft in een jaar 4.000 liter diesel verbruikt, volgens tankpasoverzichten. In de tabel staat de factor per liter. De lijst 2026 geeft voor pompdiesel (regel “Diesel B7”) een WTW-factor van 3,251 kg CO2-eq per liter. Dat is dus meer dan alleen de uitstoot uit de uitlaat, die 2,462 kg per liter is. De biogene uitstoot staat in een aparte kolom. Controleer op de site welke regel bij jouw brandstof hoort.
| Stap | Berekening | Uitkomst |
|---|---|---|
| 1. Verbruik vastleggen | 4.000 liter diesel | 4.000 liter |
| 2. Factor opzoeken | Diesel B7, WTW, lijst 2026 | 3,251 kg per liter |
| 3. Vermenigvuldigen | 4.000 × 3,251 | 13.004 kg |
| 4. Omrekenen naar ton | 13.004 ÷ 1.000 | 13,0 ton CO2 |
Zo reken je elke energiestroom uit. Daarna tel je de uitkomsten per scope bij elkaar op. Scope 1 bevat de eigen brandstof en het eigen gasgebruik. Scope 2 bevat de ingekochte elektriciteit. Zie scope 1, 2 en 3 emissies voor de indeling.
Een tabel die de auditor overtuigt
De auditor wil zien hoe je van verbruik naar tonnen komt, zonder dat hij zelf moet rekenen. Gebruik een vaste tabel met deze kolommen. De verbruiken van gas en stroom in het voorbeeld zijn fictief, de factoren niet:
| Energiedrager | Bron van verbruik | Hoeveelheid | Eenheid | Factor (WTW) | Bron factor | Uitstoot (ton CO2) |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Diesel B7 | Tankpas | 4.000 | liter | 3,251 | Lijst 2026, brandstoffen voertuigen | 13,0 |
| Aardgas | Jaarafrekening | 5.000 | Nm3 | 2,134 | Lijst 2026, brandstoffen energieopwekking | 10,7 |
| Grijze stroom | Jaarafrekening | 20.000 | kWh | 0,483 | Lijst 2026, elektriciteit | 9,7 |
Vul de bron van de factor altijd in. Het handboek vraagt dat ook: afwijkingen van de officiële factoren moet je met redenen onderbouwen en aan de LadderCI voorleggen.
Wat geldt voor groene stroom en gas?
Groene stroom en groen gas krijgen een lagere factor, maar alleen met bewijs. Het handboek noemt garanties van oorsprong (GvO) als voorwaarde. Bij groen gas toon je de hoeveelheid aan met afboekoverzichten uit het Vertogas-systeem, of met een factuur plus een verklaring van de leverancier. Bij groene stroom vraagt het handboek drie dingen: GvO’s uitgegeven door CertiQ, een aantoonbare bron (wind, water, zon of biomassa) en een herkomst uit Nederland of uit een land dat de uitvoer van groene stroom aftrekt in zijn rapportage aan de Europese Commissie. Zonder die aftrek rekent de ladder geïmporteerde GvO’s met de factor voor grijze stroom.
Is de herkomst van je stroom onbekend, dan reken je met grijze stroom. De regel “stroom (onbekend)” in de lijst mag volgens het handboek niet worden gebruikt. Groene stroom uit biomassa krijgt ook de factor van grijze stroom, tenzij de leverancier een andere waarde onderbouwt.
Veelgemaakte fouten
Verkeerde eenheid. Liters diesel gedeeld door kubieke meters gas leidt tot een uitkomst die niet klopt. Controleer de eenheid van de factor voordat je rekent.
Het verkeerde type factor. Gebruik bij brandstoffen de WTW-kolom. De TTW-kolom (Tank-to-Wheel, alleen de uitstoot aan de uitlaat) geeft een te lage uitkomst, omdat de winning en productie van de brandstof ontbreken. Bij diesel B7 scheelt dat 3,251 tegen 2,462 kg per liter.
Geen bronvermelding. Een getal zonder bron is voor de auditor geen bewijs. Noteer de bron en het jaar van de factor.
Groene stroom zonder bewijs. Een lage factor voor groene stroom zonder garanties van oorsprong wordt geschrapt bij de beoordeling.
Herberekening vergeten. Verandert de rekenmethode achter een factor, dan reken je het referentiejaar opnieuw uit en documenteer je dat. Verandert de factor door technische vooruitgang of marktomstandigheden, dan hoeft dat niet. Die regels staan in paragraaf 5.2.3 van het handboek.
Meerdere brandstoffen en locaties
Heb je meerdere locaties of voertuigtypen, reken dan per locatie en per brandstof apart. Tel de uitkomsten daarna op. Dat maakt het makkelijker om een afwijking te vinden: als het totaal van één locatie opvallend hoog is, zie je meteen waar je moet kijken.
Gebruik dezelfde factor voor dezelfde brandstof binnen één jaar. Verschillende factoren voor dezelfde post in hetzelfde jaar leveren verwarring op bij de beoordeling.
Wat wil de auditor zien?
- Een emissie-inventaris met per energiedrager het verbruik, de factor, de bron en de uitstoot in ton CO2.
- Een verwijzing naar de versie of het jaar van de factoren.
- Onderbouwing bij elke afwijking van de officiële factoren.
- Bewijs voor groene stroom of groen gas, als je daar een lagere factor voor gebruikt.
- Een controle dat de uitkomsten per scope kloppen met de facturen.
Volgende stap
Met de ton CO2 kun je de emissie-inventaris maken en het reductiedoel bepalen. Lees daarvoor CO2-footprint berekenen voor de volledige methode. Voor de voorbereiding op de externe audit gebruik je de checklist.