ISO 55001 eisen per hoofdstuk (HLS)
De eisen van ISO 55001 staan in hoofdstuk 4 tot en met 10. Ze volgen de High Level Structure (HLS), de vaste opbouw van alle moderne ISO-managementnormen. Hoofdstuk 1 tot en met 3 bevatten het toepassingsgebied, de verwijzingen en de begrippen. De eisen zelf begin je pas bij hoofdstuk 4. Lees de tekst van de norm bij ISO .
De HLS is handig als je meerdere systemen tegelijk wilt opzetten. Hoofdstuk 4 gaat altijd over context, hoofdstuk 6 altijd over planning. Meer uitleg over die opbouw staat op de HLS-structuur. Voor het overzicht van de norm begin je op ISO 55001 wat is het?.
Een auditor toetst per hoofdstuk of je het hebt gedaan en of je het kunt aantonen. Je hoeft niet alles perfect te hebben, maar je moet het laten zien.
Op deze pagina
Hieronder lopen we de zeven hoofdstukken door. Per hoofdstuk leggen we uit wat er gevraagd wordt, met een voorbeeld. Daarna komt het verschil met de versie van 2024 aan bod.
Het overzicht in een tabel
| Hoofdstuk | Titel | Wat je moet doen |
|---|---|---|
| 4 | Context van de organisatie | Factoren en belanghebbenden in kaart brengen, grens van het AMS bepalen |
| 5 | Leiderschap | Assetmanagementbeleid vaststellen, rollen en verantwoordelijkheden toewijzen |
| 6 | Planning | Risico’s en kansen bepalen, doelen zetten, SAMP en assetmanagementplannen maken |
| 7 | Ondersteuning | Middelen, competentie, bewustzijn, communicatie, informatie en documenten regelen |
| 8 | Uitvoering | Plannen uitvoeren, wijzigingen beheersen, uitbesteed werk sturen |
| 9 | Prestatie-evaluatie | Prestaties meten, intern auditen, de directie terugkoppelen |
| 10 | Verbetering | Afwijkingen en oorzaken aanpakken, het systeem blijven verbeteren |
4. Context van de organisatie
Je bekijkt welke interne en externe factoren je assets beïnvloeden. Je bepaalt ook wie belang heeft bij je beheer en waar het AMS precies over gaat. Dat is de grens van je systeem.
Voorbeeld: netbeheerder Netwerk Oostveld (fictief) noteert dat zware regenval de kabels in de wijk Oostrand extra belast. Ook de gemeente wil dat werkzaamheden niet op de drukste dagen van de markt plaatsvinden. Beide factoren komen in het AMS terug.
5. Leiderschap
De directie stelt het assetmanagementbeleid vast. Ze wijst ook de rollen toe, zoals wie de assets eindverantwoordelijk beheert. Zonder die steun blijft het systeem een plan in een map.
Voorbeeld: de directeur van Netwerk Oostveld ondertekent het beleid en benoemt een assetmanager met een vast mandaat. Die manager mag vervangingen tot een bepaald bedrag zelf goedkeuren.
6. Planning
Hier bepaal je welke risico’s en kansen bij je assets horen. Je zet meetbare doelen en maakt het strategisch assetmanagementplan (SAMP). Het SAMP koppelt de doelen van de organisatie aan de doelen voor de assets. Meer daarover lees je op het SAMP.
Voorbeeld: een gemaal waarvan uitval het hele polder treft, krijgt een hoog risicoscore. Een bankje in het park krijgt een laag score. Het eerste gemaal staat daardoor bovenaan de vervangingslijst.
7. Ondersteuning
Dit hoofdstuk gaat over de randvoorwaarden: mensen, geld, kennis, communicatie en informatie. Ook de documenten die je gebruikt, moeten op orde zijn. Dat betekent een actueel register en duidelijke versiebeheer.
Voorbeeld: elke schakelkast in het register heeft een uniek nummer, een bouwjaar en de datum van de laatste inspectie. Een monteur die een kast aanpast, werkt het register direct bij.
8. Uitvoering
Je voert de plannen uit en je beheert wijzigingen aan je assets. Ook werk dat je uitbesteedt, valt hieronder. Je bewaakt dat de partij die het werk doet zich aan de afspraken houdt.
Voorbeeld: een onderhoudsbedrijf doet de jaarlijkse kastinspectie. In het contract staan de termijnen, de rapportage en wat er gebeurt bij een afwijking.
9. Evaluatie
Je meet of het systeem werkt. Je voert intern audits uit en je bespreekt de resultaten met de directie. Dat zijn de bewijzen dat het AMS werkt, en niet alleen op papier.
Voorbeeld: Netwerk Oostveld houdt per maand bij hoeveel storingen per kast optreden en hoeveel onderhoud op tijd is uitgevoerd. Elk jaar doet een collega van een ander team een interne audit.
10. Verbetering
Als er iets misgaat, zoek je de oorzaak en pas je het systeem aan. Dat geldt voor storingen, maar ook voor afwijkingen in het proces.
Voorbeeld: na een storing door een verroest kabelrek past Netwerk Oostveld het inspectieschema aan. Voortaan wordt elk kabelrek jaarlijks gecontroleerd, niet alleen bij de grote onderhoudsbeurt.
Wat is er veranderd in de versie 2024?
ISO 55001:2024 vervangt de versie uit 2014. De hoofdstukken blijven gelijk, maar de inhoud krijgt meer nadruk op klimaat, duurzaamheid en data. Bij context komt klimaatverandering als onderwerp terug. De exacte wijzigingen per hoofdstuk staan in de norm zelf, die je bij ISO vindt.
Dit is het grote lijnen overzicht. Check de exacte eisen in de norm zelf, en vraag je certificerende instelling wanneer je moet overstappen als je nu een certificaat uit 2014 hebt. Meer over de versies lees je op ISO 55001 versie 2024.
Veelgestelde vragen over de eisen van ISO 55001
Zijn de eisen van ISO 55001 hetzelfde als die van ISO 9001?
De hoofdstukken hebben dezelfde volgorde, omdat beide normen de HLS volgen. De inhoud is anders. ISO 9001 gaat over de kwaliteit van je producten en diensten. ISO 55001 gaat over het beheer van je fysieke bezittingen. Zie ISO 9001 overzicht voor de kwaliteitsnorm.
Waar begin ik als ik nog niets heb?
Begin bij hoofdstuk 4 en 5. Maak eerst duidelijk welke assets je hebt en wie het beleid bepaalt. Daarna volgt de planning in hoofdstuk 6. Het stappenplan geeft de volgorde in meer detail.
Hoe zwaar moet ik het bewijs maken?
Elke eis moet je kunnen aantonen, maar het bewijs hoeft niet zwaar te zijn. Een kort besluit met datum en naam kan voor een klein team genoeg zijn. Een auditor kijkt vooral of het bewijs klopt en of het systeem wordt gebruikt.
Meer lezen
- ISO 55001 wat is het? - De norm in het kort
- Het SAMP - Het strategisch assetmanagementplan
- Risicogebaseerd onderhoud - Planning op basis van risico
- ISO 55001 versie 2024 - Wat er is veranderd