Voor wie is de PSO-Prestatieladder?
De PSO-Prestatieladder is er voor elke organisatie die werkgelegenheid biedt aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, vanaf twee fte. Voor een trede (Basistrede tot en met trede 3) moet de hoofdaanvrager op de aanvraagdatum minimaal een jaar bestaan volgens de Kamer van Koophandel. De Aspirant-status heeft die eis niet. Dat staat in paragraaf 1.5.3 van de PSO-handleiding 2.6 van TNO . Of je al kunt aanvragen, bepaal je met de rekentool van PSO-Nederland , die gratis is.
De grens van twee fte geldt voor het peiljaar, niet voor het moment van aanvragen. Wie in het peiljaar nog niet op die omvang zat, valt daarmee af voor dat jaar, ook als het bedrijf nu groter is. Hoe het peiljaar werkt, staat op peiljaar en peildatum.
Op deze pagina
- De eisen voor aanvragers
- Wie valt erin en wie niet
- Onderliggende entiteiten
- Veelgemaakte misverstanden
- Stappen om te checken of je voldoet
De eisen voor aanvragers
| Eis | Geldt voor | Wat het betekent |
|---|---|---|
| Minimaal twee fte aan werkzame personen in het peiljaar | Alle erkenningen | Voor de omvang tellen werknemers, uitzend- en detacheringsmedewerkers en payroll-medewerkers, plus doelgroepmedewerkers met een stage of werkervaringsplek |
| Gedurende minimaal een jaar werkzame medewerkers | Alle erkenningen | De handleiding noemt dit naast de twee fte, zonder verdere uitleg. Laat het bij twijfel voorleggen aan PSO-Nederland |
| Minimaal twee personen werkzaam op de aanvraagdatum | Alle erkenningen | Je moet op het moment van aanvragen minimaal twee mensen hebben die werken |
| Minimaal een jaar bestaan volgens de KvK | Trede (Basistrede tot en met 3) | Niet voor de Aspirant-status |
Twee fte in het peiljaar en twee werkzame personen op de aanvraagdatum zijn twee aparte toetsen. Een eenmanszaak die werkt met één persoon voldoet dus niet, ook niet als de eigenaar zelf werkt en er daarnaast een zzp’er is. Zzp’ers die direct worden ingehuurd, tellen niet mee in de bedrijfsomvang. Zie bedrijfsomvang bij de PSO.
Wie valt erin en wie niet
Hieronder staan illustraties van hoe de eisen op verschillende organisaties uitpakken. Het zijn fictieve voorbeelden om het principe te laten zien, geen beslissingen van PSO-Nederland.
| Organisatie | Peiljaar | Aanvraagdatum | Kan een trede aanvragen? | Kan de Aspirant-status aanvragen? |
|---|---|---|---|---|
| Installatiebedrijf met 12 fte, al 3 jaar in de KvK | 12 fte | Twee personen actief | Ja | Ja |
| Startende horecaorganisatie, 14 maanden in de KvK, 1,5 fte in het peiljaar | 1,5 fte | Twee personen actief | Nee, te weinig fte | Nee, te weinig fte |
| Onderneming van 8 maanden in de KvK, met 4 fte in het peiljaar | 4 fte | Twee personen actief | Nee, nog geen jaar KvK | Ja |
| Eenmanszaak zonder personeel | 1 persoon | Eén persoon | Nee | Nee |
De laatste rij laat zien dat een organisatie zonder personeel buiten beeld blijft: er zijn te weinig fte en te weinig werkzame personen. Wie hoofdaanvrager is en welke entiteiten meetellen, staat op onderliggende entiteiten bij de PSO.
Onderliggende entiteiten en concernstructuur
Een hoofdaanvrager kan dochterbedrijven, werkmaatschappijen of franchise-organisaties onder één aanvraag brengen. Die noemt de handleiding onderliggende entiteiten. Samen vormen ze de aanvragende organisatie. Voor de toetsing van de bedrijfsomvang gaat de hoofdaanvrager altijd in zijn geheel mee, en de entiteiten daarnaast. De voorwaarden daarvoor staan in bijlage 2A van de handleiding.
Bij een concern komt de vraag “voor wie” dus neer op: wie is de hoofdaanvrager, en welke dochters vallen eronder. Een dochter komt alleen mee als de hoofdaanvrager er direct of indirect minimaal 50% van bezit, en als er centrale aansturing is. Een dochter kan ook zelf hoofdaanvrager zijn, maar dan niet tegelijk onder het certificaat van de hoofdaanvrager vallen. Het certificaat geldt alleen voor de rechtspersonen waarvoor het is uitgegeven en gaat niet over naar derden.
Veelgemaakte misverstanden
- “Mijn bedrijf is te klein, maar ik tel de zzp’ers mee.” Direct ingehuurde zzp’ers tellen niet mee in de bedrijfsomvang. Ze verhogen de noemer dus niet.
- “Ik vraag een trede aan, want ik ben al een jaar bezig.” Het jaar telt volgens de KvK, niet volgens je eigen gevoel. Controleer de inschrijving.
- “De Aspirant-status is alleen voor grote bedrijven.” Ook kleine organisaties kunnen de Aspirant-status aanvragen, zolang ze aan de tweefte-toets voldoen. Zie het aspirant-plan van aanpak.
Stappen om te checken of je voldoet
Voordat je in MijnPSO een rekentool start, loop je deze vragen na. Ze volgen de volgorde van de toetsen in de handleiding.
- Wat is je peiljaar? Zie peiljaar en peildatum.
- Had je in dat jaar gemiddeld minimaal twee fte aan werkenden? Tel werknemers, uitzend- en detacheringsmedewerkers, en doelgroepstagiairs mee.
- Had je gedurende het peiljaar minimaal één jaar lang werkzame medewerkers?
- Heb je op de dag van aanvragen minimaal twee mensen die werken?
- Wil je een trede of alleen de Aspirant-status? Voor een trede moet de KvK-inschrijving minimaal één jaar zijn.
- Heb je onderliggende entiteiten die je wilt meenemen? Zie onderliggende entiteiten.
Als één van de antwoorden nee is, is een trede nog niet haalbaar. Dan is de Aspirant-status vaak de betere route, mits je een plan van aanpak kunt schrijven. Zie het aspirant-plan van aanpak.
Wat de regels niet zeggen
De handleiding bepaalt de toetsen, niet of het verstandig is om te certificeren. Voldoen aan de toetsen zegt niet dat je ook een trede haalt. Een organisatie met twee fte en één doelgroepmedewerker kan aanvragen, maar haalt de norm niet automatisch. Maak daarom eerst een voorlopige berekening, en overweeg pas daarna kosten en audit. Lees ook PSO-certificaat aanvragen en kosten voordat je een besluit neemt.
Lees ook
- Wat is de PSO-Prestatieladder? geeft het overzicht van het keurmerk.
- PSO-certificaat aanvragen en kosten beschrijft de stappen als je voldoet aan de voorwaarden.