Decompositie bij NEN 2767: wat het is en waarom het telt
Decompositie is het opdelen van een gebouw in onderdelen, zodat je elk onderdeel apart kunt meten. In de NEN 2767-norm heten die onderdelen elementen en bouwdelen. Zonder decompositie krijg je één score voor het hele gebouw, en die zegt weinig over wat je moet repareren.
Voor gebouwen maakt de norm een decompositie op elementen, bouwdelen en materiaalsoorten. Het type object staat in het paspoort. Meer over de meting zelf lees je op NEN 2767 wat het is. Voor infrastructuur gebruik je een andere indeling, die op NEN 2767-4 infra staat.
Fictief voorbeeld: VvE Parkzicht heeft één gebouw met 48 appartementen. Het bestuur laat het gebouw meten als één object. Het krijgt een score van 4, maar niemand weet of de gevel, het dak of de liften het probleem zijn. Daarom laat het bestuur het gebouw opdelen in elementen.
Op deze pagina
Hieronder lees je de begrippen: object, element en bouwdeel. Daarna volgt een voorbeeld van een gebouw in elementen, en hoe de indeling de scores en het MJOP beïnvloedt.
Object, element en bouwdeel, en hoe ze zich tot elkaar verhouden.
De begrippen op een rijEen uitgewerkt voorbeeld met gevel, dak en installaties.
Een gebouw in elementenWaarom de grootte van de onderdelen telt.
Wat de indeling doet met scores en MJOPDe begrippen op een rij
Een decompositie werkt van groot naar klein. Hieronder staan de drie begrippen die je het vaakst tegenkomt.
| Begrip | Wat het is | Voorbeeld bij een gebouw |
|---|---|---|
| Object | Het geheel dat je meet | Het hele gebouw of het complex |
| Element | Een onderhoudsgevoelig onderdeel van het gebouw | Gevel, dak, liften of de cv-installatie |
| Bouwdeel | Een onderdeel van een element dat je apart beoordeelt | Voegwerk, dakbedekking of een kozijn |
Een element bestaat uit bouwdelen, en soms uit subbouwdelen. Een gevel bestaat bijvoorbeeld uit gevelbekleding, kozijnen en voegwerk. Elk bouwdeel krijgt zijn eigen conditiescore.
Wat een element precies is, staat op de elementenlijst. Die lijst geeft de standaardnamen die de norm gebruikt. Gebruik die namen, zodat je meting vergelijkbaar blijft met andere metingen.
Decompositie is de indeling, conditiemeting is de beoordeling. Eerst deel je het gebouw op, dan geef je elk deel een score.
Een gebouw in elementen
Hieronder zie je hoe een inspecteur een gebouw van VvE Parkzicht kan opdelen. De indeling is fictief, maar de begrippen komen uit de norm.
Stel het object vast
Het object is het hele gebouw met zijn ingang en de gemeenschappelijke ruimten. Dat is de eenheid die je later optelt.
Deel het gebouw in elementen
Het gebouw krijgt de elementen gevel, dak, liften, installaties en fundering. Elk element is een onderdeel dat onderhoud nodig heeft.
Splits de elementen in bouwdelen
De gevel krijgt gevelbekleding, kozijnen en voegwerk. Het dak krijgt dakbedekking en dakgoten. De cv-installatie krijgt de ketel, de leidingen en de radiatoren.
Meet elk bouwdeel
Per bouwdeel geeft de inspecteur een score. Het voegwerk krijgt bijvoorbeeld een 4, de kozijnen een 2 en de dakbedekking een 5.
| Element | Bouwdeel | Score | Ingreep in het MJOP |
|---|---|---|---|
| Gevel | Voegwerk | 4 | Voegherstel in jaar 2 |
| Gevel | Kozijnen | 2 | Geen ingreep nodig nu |
| Dak | Dakbedekking | 5 | Vervanging in jaar 3 |
| Installaties | Cv-ketel | 3 | Vervanging na jaar 8 |
Het object heeft één score, maar die is het resultaat van alle bouwdelen samen. Daarom kun je een specifieke ingreep alleen plannen als je de bouwdelen apart meet.
Wat de indeling doet met scores en MJOP
De grootte van de onderdelen bepaalt hoe precies je plan is. Hoe fijner de decompositie, hoe beter je ziet waar het misgaat. Een gevel met een goed kozijn en slecht voegwerk krijgt in één score een gemiddeld oordeel. Met bouwdelen zie je het verschil.
Voor het MJOP werkt dat door. Elk bouwdeel krijgt een eigen ingreep, een eigen jaar en een eigen bedrag. Het dak van Parkzicht komt daardoor in jaar 3 op de planning, en het voegwerk in jaar 2. Had het bestuur alleen de gevel als geheel gemeten, dan had het niet kunnen zien dat het voegwerk eerder aan de beurt is dan de kozijnen. Lees hoe dat in het plan terechtkomt op MJOP op basis van NEN 2767.
Een te fijne indeling heeft ook nadelen. Elk bouwdeel kost inspectietijd en levert een extra regel in de administratie op. Voor een klein gebouw met één dak en één gevel is een grove indeling vaak genoeg. Vraag je inspecteur welk niveau past bij jouw object, en waarom.
De decompositie is niet alleen voor de inspecteur. Het is ook de basis van je planning. Wijzig je de indeling later, dan kloppen oude scores en nieuwe scores niet meer met elkaar.
Bij infrastructuur werkt de indeling anders. Zie NEN 2767-4 infra.
Veelgestelde vragen
Wie maakt de decompositie?
De inspecteur stelt de decompositie op, in overleg met de opdrachtgever. De beheerder of het bestuur bepaalt welk niveau past bij de planning. Leg de keuze vast in het rapport, zodat latere metingen op dezelfde indeling aansluiten.
Moet de decompositie elk jaar hetzelfde zijn?
Ja, als je scores wilt vergelijken. Een nieuwe indeling maakt oude en nieuwe scores moeilijk te vergelijken. Wijzig de indeling alleen als het gebouw echt verandert, bijvoorbeeld na een verbouwing.
Is een decompositie hetzelfde als een elementenlijst?
Nee. De elementenlijst is de standaardlijst met namen van elementen en bouwdelen uit de norm. De decompositie is de toepassing van die lijst op jouw gebouw. Je gebruikt de elementenlijst om de decompositie op te stellen.
Meer lezen
- Elementenlijst - De standaardnamen van elementen en bouwdelen
- Gebreken - Wat je per bouwdeel beoordeelt
- MJOP op basis van NEN 2767 - Hoe de scores in het plan terechtkomen
- Stappenplan - Waar de decompositie in het proces past