Normwijzer.nlHulp bij certificering in Nederland

Hulp nodig bij PSO-Prestatieladder?

Wij helpen je verder. Vertel wat je nodig hebt en wij brengen je in contact met tot 3 specialisten in PSO-Prestatieladder.

Waar kunnen we je mee helpen?
Skip to Content
PSO-PrestatieladderTreden en berekening

PSO treden en berekening

De PSO-Prestatieladder kent vijf niveaus: Aspirant-status, Basistrede, trede 1, trede 2 en trede 3, plus de aparte PSO 30+-erkenning. Je trede volgt uit één percentage: het gewogen aantal fte uit de PSO-doelgroep, gedeeld door je totale aantal fte, plus je sociale inkoop. Dat percentage vergelijk je met een norm voor bedrijven van jouw grootte. Trede 3 betekent dat je bij de 10% best presterende bedrijven hoort. Zo staat het in de PSO-handleiding 2.6 van TNO , die geldt voor aanvragen vanaf 1 oktober 2026.

Wat de PSO-Prestatieladder is, lees je op de hub. Je kunt je voorlopige trede gratis berekenen in de rekentool van PSO-Nederland . Wat een trede oplevert, staat bij PSO bij aanbestedingen.

Op deze pagina

De PSO treden op een rij

De normen zijn gebaseerd op landelijke cijfers van TNO over werkgevers met minstens één medewerker uit de doelgroep. Daardoor zegt een trede iets over je positie ten opzichte van vergelijkbare bedrijven. Naast de norm moet je ook voldoen aan de kwalitatieve PSO-eisen. Welk jaar je meetelt, staat op peiljaar en peildatum, en wie in je bedrijfsomvang telt, op bedrijfsomvang bij de PSO.

NiveauWat het betekentKwalitatieve eisen
Aspirant-statusJe haalt de norm (nog) niet, maar hebt een plan van aanpak om binnen 2 jaar minimaal de Basistrede te halenPlan van aanpak, vastgesteld door de directie en in uitvoering
BasistredeBeter dan gemiddeld: top 50%Ja
Trede 1Bovengemiddeld: top 35%Ja
Trede 2Ruim bovengemiddeld: top 22,5%Ja
Trede 3Koploper: top 10%Ja
PSO 30+Naast trede 3: minimaal 30% van je personeel hoort bij de doelgroepJa

De kwalitatieve eisen gaan over beleid voor inclusie, passend werk, een inclusieve werkcultuur, functioneren en ontwikkeling, en deskundige begeleiding. De auditor toetst ze in gesprekken met directie, leidinggevenden en medewerkers uit de doelgroep.

De directe sociale bijdrage berekenen

Je directe bijdrage is het aantal fte uit de PSO-doelgroep, gewogen naar hun uitgangspositie en contractvorm, gedeeld door je totale aantal fte. De uitgangspositie is de regeling waaronder iemand viel toen hij bij je begon.

Uitgangspositie bij instroomWeging
Wsw-indicatie of beschut werk, Wajong, WIA/WAO/WAZ1
Participatiewet (bijstand), met of zonder loonkostensubsidie1
Ingeschreven in het doelgroepregister (banenafspraak)1
Vso of praktijkonderwijs1
WW (minimaal 6 maanden voor instroom)0,75
Bbl/bol niveau 1 / niveau 2 / niveau 3 of 40,75 / 0,50 / 0,25

Daarnaast telt de contractvorm. Een regulier contract of begeleid werken telt voor 1, detachering of uitzendwerk voor 0,9, een stage of werkervaringsplek voor 0,75 en een proefplaatsing voor 0,5. Uren reken je naar rato van een 40-urige werkweek of je cao-norm.

Niet iedereen telt eeuwig mee. Iemand uit de bijstand telt vijf jaar mee vanaf de start bij jou. Iemand uit de WW drie jaar. Stages en werkervaringsplekken maximaal drie jaar. Check per medewerker de meetelduur in de handleiding.

De indirecte sociale bijdrage berekenen

Koop je in bij een PSO-gecertificeerd bedrijf of een sociaal werkbedrijf, dan telt een deel van die inkoop mee. De rekentool rekent je inkoop om naar fte uit de doelgroep die aan jouw opdracht hebben gewerkt.

StapFormule
Fte uit inkoopDirecte bijdrage leverancier × (inkoopbedrag ÷ omzet leverancier per fte)
Indirecte bijdrageFte uit inkoop ÷ (jouw totale fte + fte uit inkoop)

Je voert factuurbedragen exclusief btw in. Dat is sinds handleiding 2.6 voor iedereen verplicht. Minimaal 20% van de norm voor je beoogde trede moet uit je directe bijdrage komen.

Rekenvoorbeeld: PSO trede berekenen voor een bedrijf met 30 medewerkers

Een technisch dienstverlener heeft gemiddeld 30 medewerkers en 25 fte in het peiljaar. De cao gaat uit van 40 uur. Vier medewerkers komen uit de doelgroep.

MedewerkerUitgangspositie (weging)Contract (weging)UrenFteGewogen fte
AWajong (1)Regulier (1)320,80,80
BWW, 9 maanden voor instroom (0,75)Regulier (1)401,00,75
CBbl niveau 2 (0,50)Regulier (1)401,00,50
DBijstand (1)Uitzendkracht (0,9)160,40,36
Totaal2,41

Directe bijdrage: 2,41 ÷ 25 = 9,64%.

Daarnaast koopt het bedrijf voor €60.000 aan schoonmaak in bij een PSO-gecertificeerd schoonmaakbedrijf. Dat bedrijf heeft een directe bijdrage van 20% en een omzet van €50.000 per fte.

Fte uit inkoop: 20% × (60.000 ÷ 50.000) = 0,24 fte. Indirecte bijdrage: 0,24 ÷ (25 + 0,24) = 0,95%. Totale bijdrage: 9,64% + 0,95% = 10,59%.

Nu vergelijk je met de norm. De grootteklasse bepaal je met het aantal medewerkers (30), niet met het aantal fte.

BedrijfsgrootteBasistredeTrede 1Trede 2Trede 3
10 medewerkers5,08%6,70%9,00%15,50%
30 medewerkers2,66%4,70%6,10%8,90%
50 medewerkers2,06%3,00%3,70%6,80%
100 medewerkers1,21%1,50%2,10%3,90%
500 of meer1,00%1,20%1,58%3,32%

Met 10,59% haalt het bedrijf de norm voor trede 3 (8,90%). De directe bijdrage van 9,64% ligt ruim boven de ondergrens van 20% van de norm (1,78%). Als de auditor de kwalitatieve eisen ook goedkeurt, wordt het trede 3.

Stel dat medewerker B niet meetelt, omdat de WW-periode korter was dan zes maanden. Dan zakt de directe bijdrage naar 6,64% en de totale naar 7,59%. Dat is trede 2. Eén plaatsing maakt bij een klein bedrijf dus al een trede verschil. Bij een bedrijf met 10 medewerkers ligt de lat voor trede 3 juist veel hoger: 15,50%.

Wat is PSO 30+?

PSO 30+ is een extra erkenning voor bedrijven waar minimaal 30% van het personeel uit de doelgroep komt. Het sluit aan op artikel 2.82 van de Aanbestedingswet : overheden mogen opdrachten voorbehouden aan bedrijven met minimaal 30% gehandicapte of kansarme werknemers. Stages en werkervaringsplekken tellen voor 30+ niet mee. Meer daarover op PSO bij aanbestedingen.

Veelgemaakte fouten bij de PSO berekening

Fte en medewerkers door elkaar halen. Je bijdrage reken je in fte, de grootteklasse voor de norm in aantal medewerkers.

Zzp’ers meetellen. Direct ingehuurde zzp’ers tellen niet mee in je bedrijfsomvang. Uitzendkrachten en gedetacheerden wel.

Iemand met een korte WW-periode meetellen. WW telt pas als iemand minimaal zes maanden een uitkering had voor de start bij jou.

De meetelduur vergeten. Na vijf jaar telt iemand uit de bijstand niet meer mee, tenzij er nog loonkostensubsidie loopt. Bij hercertificering kan je trede daardoor zakken.

Geen bewijs in het dossier. De auditor wil per medewerker een formeel document zien, zoals een UWV-beschikking of brief van de gemeente. Zonder bewijs telt de medewerker niet mee. Zie aanvragen en kosten.

Meer lezen